Anastasia Myskina en Maria Sharapova prijken met de kroon van respectievelijk
Roland Garros en Wimbledon op hun hoofd. En dan te bedenken dat tot een maand
geleden die eer nog nooit een Russin toekwam. Iedereen is daarmee op het verkeerde
been gezet: van de concurrentie tot de zogenaamde kenners. De kijker lijkt de grote
winnaar.
Nog maar een jaar geleden stonden de zusjes Williams in de finale van het gezegende gras,
en zuchtte menigeen verveeld dat de familiestrijd maar geen leuke partij opleverde. Echter
het noodlot trof de twee, met de moord op een derde zus en veel blessureleed. De weg lag
daarmee open voor een kortstondige Belgische hegemonie, die twee Grand Slams voor Henin opleverde.
Hoe vermakelijk dat succes voor de Belgen ook was, veel kijkers haakten af. Een echte interessante
rivaliteit is het tot dusver nooit geweest, Henin bleek daarvoor mentaal te sterk. Maar zie daar,
ook deze twee meisjes tobben al maanden met blessures. Met Williams & Williams die moeite hebben hun
oude niveau te halen, ontstond opnieuw ruimte voor vers talent.
En in dat gat zijn de Russinnen gesprongen. Myskina vocht in een onderonsje met Dementieva om de titel
in Parijs, en de ster van Sharapova steeg enorm snel en leverde haar plots de Wimbledontitel op. De belofte die
het Russische vrouwentennis al jaren doet, wordt daarmee in een maand tijd ingelost. Het werk van de
bookmakers wordt daarmee steeds zwaarder, en dat had de sport hard nodig.
De grootste winnaar is daarmee vooral het vrouwentennis, dat met het toernooi minder voorspelbaar
en daarmee aantrekkelijker wordt. De vraag is echter wie komt bovendrijven als de gehele top zich fit op
de Grand Slams meldt, want dat is al jaren niet meer het geval. Tegen de tennisreclame die liefst twee
weken de BCC sierde, kan in ieder geval geen spotje op.